![]() |
| Een Perzisch tapijt is de benaming voor een met de hand gemaakt tapijt uit Perzië of de wijde omgeving (Afghanistan, Tadzjikistan, Uzbekistan, Turkije, Armenië maar ook India en China). Perzische tapijten worden ook wel Oosterse tapijten genoemd en kunnen worden gerekend tot de vroege toegepaste kunst. Al in de bijbel kunnen we lezen over het gebruik van kleden voor de versiering van de tempel. Een Perzisch of Oosters tapijt is een kleed dat met de hand is gemaakt, machinaal vervaardigde kleden behoren niet tot deze groep. |
||
| Een Perzisch tapijt wordt vervaardigd met behulp van een weefgetouw. Het eindresultaat wordt sterk beïnvloed door het aantal kettingdraden (scheringdraden) dat per cm wordt gebruikt. Hoe meer kettingdraden hoe fijner het werkstuk zal zijn. Tussen de kettingdraden worden de inslagdraden geweven. Na elke ingeweven inslagdraad (soms na twee of drie) volgt een rij knopen. Een knoop bestaat uit een draad die rond twee kettingdraden is geknoopt en daarna afgeknipt. De twee einden van deze draad, die verticaal op de geweven onderzijde staan, vormen de pool van het tapijt. |
||
| De gebruikte materialen zijn wol, zijde en katoen. Soms worden andere materialen gebruikt zoals jute of andere vezels, dit zijn echter hoge uitzonderingen. De wol is afkomstig van schapen, geiten en kamelen. Schaapswol is het meest gebruikte materiaal, ook geitenwol komt regelmatig voor. Kameelwol wordt slechts incidenteel gebruikt voor producten die zijn vervaardigd door nomaden. Wol wordt gebruikt voor de pool en voor het grondweefsel: de ketting en de inslag. Zijde is een kostbaar materiaal en wordt gebruikt bij de vervaardiging van kostbare fijngeknoopte tapijten. Vroeger was de zijde altijd van natuurlijke oorsprong maar tegenwoordig wordt ook wel kunstzijde gebruikt. Zijde wordt in de pool ook wel gebruikt samen met wol, de zijde dient dan om bepaalde details in het ontwerp te benadrukken. Zijde wordt eveneens gebruikt als kettingdraad, voornamelijk in zeer fijngeknoopte stukken. De kettingdraad moet dan dun zijn en de dunne zijdedraad is sterker dan een katoenen draad. Voor de inslagdraad wordt slechts zelden zijde gebruikt. Katoen is afkomstig van de katoenplant en wordt gebruikt voor de ketting en de inslag. Het gebruik van katoen in de pool, eventueel in combinatie met wol, komt sporadisch voor bij goedkopere kleden. |
| Perzische tapijten worden op allerlei manieren ingedeeld, een eenvoudige doeltreffende indeling is op grond van het onderscheid tussen degenen die het product hebben vervaardigd. We onderscheiden:
Perzische tapijten worden aangeduid met namen die zijn afgeleid van de plaats of stam van herkomst bijv.: Esfahan, Tabriz, Ghom, Qasqhai, Shiraz enz. |
||
| De knoopdichtheid wordt in de Europese landen aangeduid in knopen per cm 2 , per dm 2 of per m 2 . In Perzië wordt vanouds de knoopdichtheid aangeduid in "raj", dat is het aantal knopen per "gereh". Een gereh is 7 centimeter dus als we de knopen horizontaal en verticaal tellen per gereh en dat delen door 49 dan krijgen we het aantal knopen per cm 2 . Het voordeel van het tellen van het aantal knopen over een oppervlak van 7 * 7 centimeter is dat de bepaling van de knoopdichtheid redelijk nauwkeurig is. Een telling van het aantal knopen op een oppervlak van 10 * 10 cm is natuurlijk ook prima. Het tellen van de knoopdichtheid gebeurt aan de achterzijde van het kleed. Let bij het tellen erop of de kettingdraden in één vlak liggen, aan de achterzijde is dan elke knoop in de richting van de inslagdraden zichtbaar als twee punten. Bij een volledig gekantelde ketting is elk knoop in de richting van de inslag zichtbaar als één punt. De eenvoudigste manier om vast te stellen of de ketting in één vlak ligt is om te zoeken naar knopen die slechts een punt laten zien aan de achterzijde. Is er niet één te vinden dan ligt de ketting waarschijnlijk vlak en moet het aantal getelde punten in de richting van de inslag door twee worden gedeeld. |
||
![]() |